Mededelingen van de VHF commissie

Amateurrepeaters: Agentschap Telecom overlegt met vergunninghouders

Op uitnodiging van de afdeling Toezicht van Agentschap Telecom zijn op 11 april, 18 vergunninghouders van amateurrepeaters (alle aanmelders) en de twee landelijke verenigingen, VERON en VRZA te gast geweest om over repeaters te praten.
Op de website van de VERON
meer hierover.

11-14 april – SSTV uitzending vanuit ISS.

Het bestaan van Intercosmos, de Russische tegenhanger van NASA herdenkt de 40ste verjaardag van de bemande ruimtevaart met SSTV uitzendingen vanuit ISS. Aan deze uitzendingen is tevens een SSTV Award gekoppeld.

De uitzendingen beginnen naar verwachting op 11 april met 12 april  als onderdeel van Cosmonautics Day op April 12.

De uit te zenden SSTV beelden zijn gerelateerd aan het Interkosmos project. Zie voor meer details https://en.wikipedia.org/wiki/Interkosmos

De SSTV uitzendeng is te ontvangen op de gebruikelijke frequentie van 145,800 MHz vanuit de service module. De SSTV mode is dit keer PD120. Deze mode is in nagenoeg alle SSTV software beschikbaar.

Aan deze SSTV uitzendingen is ook een Award gekoppeld voor hen die ontvangst rapporten publiceren.

Om hiervoor in aanmerking te komen moet ten minste een (1) plaatje gedurende de uitzendperiode worden gedecodeerd. De kwaliteit van de afbeelding hoeft niet perfect te zijn maar moet wel herkenbaar zijn. Niet compleet ontvangen afbeeldingen worden ook geaccepteerd. De Award wordt in de vorm van een jpg file via e-mail verstuurd.

Stuur om het Award te ontvangen stuur je een of meerdere gedecodeerde plaatjes naar:
www.spaceflightsoftware.com/ARISS_SSTV/index.php
en vul tevens het aanvraagformulier in dat te vinden is op:
https://ariss.pzk.org.pl/sstv/ Inzendingen moeten ontvangen zijn voor 15 mei 2018
De laatste inzend datum voor een aanvraag is 15 mei 2018. Aanvullende details zijn te lezen op
 https://ariss.pzk.org.pl/sstv/

73, Bertus

PE1KEH

Het verslag van het Amateur Overleg (AO96) is gepubliceerd met evaluatie van de gedragslijn vergunningen radiozendamateurs

Bij de introductie van de gedragslijn is afgesproken dat na een half jaar evaluatie zal plaatsvinden. De VHF-en-hoger commissie heeft hiervoor diverse zaken bij de WOO aangebracht t.a.v. de evaluatie van de Gedragslijn Vergunningen Radiozendamateurs in het Amateur Overleg.

Communicatie rond specifieke eisen

De gedragslijn geeft een kader.

Aan de hand van dat kader worden aanvragen gedaan waarna de aanvrager pas bekend wordt met de specifieke eisen op het moment dat de vergunning op de mat valt. Dit geeft achteraf onnodige complicaties die eenvoudig te voorkomen zouden zijn als AT duidelijk communiceert over de specifieke aspecten. Het lijkt ons zinvol als AT bij de aanvraag vermeldt wat men kan verwachten. Scheelt werk voor AT en frustratie bij aanvragers.

Identificatie

In de gedragslijn wordt het volgende over identificatie gesteld:

De voorschriften en beperkingen kunnen per vergunning verschillen en worden bij het verlenen van de vergunning vastgesteld. Ze maken onderdeel uit van de vergunning en worden vermeld in de vergunning zelf of in meegezonden bijlagen. Veel voorkomende voorschriften zijn een ingebruiknameverplichting, een bepaling over de identificatie van het station en de verplichting om voorrang te verlenen aan frequentiegebruik met een primaire status.

In verstrekte vergunningen staat hierover:

Identificatie

Tijdens de uitzendingen van het station worden de roepletters  xxxx herkenbaar en waarneembaar één keer per vijf minuten uitgezonden in morse (A1A, met een maximale snelheid van twintig woorden per minuut) of in spraak (F3E).

In de (vervallen) gebruikersbepalingen amateurfrequentiegebruik staat over identificatie: de radioroepnaam is bij data- en beeldoverdracht aan de ontvangstzijde na demodulatie in leesbaar schrift zichtbaar. Bij automatische telegrafie en bij data- of beeldoverdracht waarbij technische belemmeringen het onmogelijk maakt om in de voorgeschreven regelmaat de radioroepnaam uit te zenden, wordt de radioroepnaam kenbaar gemaakt door middel van spraak of morsetelegrafie. Informatie wordt niet versleuteld verzonden.

In de Regeling gebruik van frequentieruimte met meldingsplicht 2015 (Geldend van 01-04-2017 t/m heden) staat over identificatie:

  • de in artikel 6, tweede lid, bedoelde combinatie van letters of cijfers wordt ten minste bij het begin en bij het einde van elke uitzending en ten minste eenmaal per periode van vijf minuten uitgezonden, waarbij een reeks kortdurende uitzendingen wordt aangemerkt als één uitzending;
  • d. de combinatie van letters of cijfers is bij data- en beeldoverdracht aan de ontvangstzijde na demodulatie in leesbaar schrift zichtbaar;
  • e. bij automatische telegrafie en bij data- of beeldoverdracht waarbij toepassing van onderdeel c stuit op technische belemmeringen wordt de combinatie van letters of cijfers kenbaar gemaakt door middel van spraak of morsetelegrafie;

We kunnen ons voorstellen dat bij zeer experimentele modus inderdaad A1A wenselijk is maar om dat bij FM (F2A mag dus niet volgens AT), D-STAR, DMR, Fusion etc. door te voeren lijkt ver gezocht. Zeker als de roepletters al in het display en/of internet reflector verschijnen. Daarnaast blijkt dat bij het onderbreken van de datastroom bij deze digitale systemen er complicaties optreden. De afgelopen jaren zijn diverse van deze modi probleemloos gebruikt met een identificatiesysteem binnen het protocol, zodat naar we aannemen er geen reden is een probleem te introduceren.

Iets verderop in de Regeling gebruik van frequentieruimte met meldingsplicht 2015:

  • i. de combinatie van letters of cijfers wordt uitgezonden overeenkomstig de volgende klasse van uitzending:
  • 1°. spraak: A3E, H3E, J3E, R3E, F3E en G3E;
  • 2°. morse telegrafie (maximale snelheid van 30 woorden per minuut): A1A, A2A, F1A, F2A, J2A, G1A en G2A;
  • 3°. automatische telegrafie: A1B, A2B, F1B, F2B en J2B;
  • 4°. data- of beeldoverdracht: F1D, F2D en G2D;
  • 5°. facsimilé en slow-scan televisie; (SSTV): A1C, A2C, A3C, J2C, J3C, F1C, F2C, F3C, G1C, G2C en G3C;
  • 6°. amateurtelevisie: A3F, C3F en F3F.

Het lijkt dus vreemd dat bij nieuw relaisstation de eisen zoveel afwijken van de algemene regeling.

Daarnaast is de snelheid van 20 woorden per minuut vreemd, die wijkt namelijk af van de Regeling, waar immers maximaal 30 woorden per minuut als identificatie is toegestaan.

Efficiënt bandgebruik

Een ander aspect is het efficiënt frequentiegebruik (mogelijk is dit wat prematuur om al in het AO in te brengen).

Bij diverse modulatiesoorten wordt geëxperimenteerd met bandbreedten die veel kleiner zijn dan het 12,5 KHz raster biedt.  Zo zou tevens de mogelijkheid kunnen worden geboden om kleinere bandbreedten aan te vragen voor relaisstations.  Dat zou er voor kunnen zorgen dat in dezelfde bandbreedte meer relaisstations kunnen worden ondergebracht (waarbij het natuurlijk maar de vraag is of men dat dan ook werkelijk aanvraagt). Om mee te beginnen zou 6,25 KHz bandbreedte in aanmerking kunnen komen, zodat in ieder geval het 12,5 KHz raster gehandhaafd blijft. Het is hierbij beslist niet de bedoeling dat een specifiek bandsegment ingericht wordt voor alleen 6,25 KHz aanvragen.

APRS mobiel

Op de website van AT is het volgende te lezen:

(Digi)repeater thuis
Agentschap Telecom heeft recent enkele ‘digipeaters’ in het APRS-netwerk onderzocht. Uit dit onderzoek bleek dat er mogelijk enige onduidelijkheid bestaat over het gebruiken van een (digi)repeater op basis van de eigen amateurregistratie. Vooral het idee dat ‘als je bij de zender aanwezig bent’ je een repeater op een privé-call mag gebruiken blijkt door veel zendamateurs als juist te worden gezien. Om deze onduidelijkheid weg te nemen, is hieronder de van toepassing zijnde regelgeving uitgelegd.

Een (digi)repeater zendt aan de ingang ontvangen berichten, zonder tussenkomst van de eigenaar/gebruiker van deze repeater, opnieuw uit. In de situatie dat dit gebeurt met een vergunning (voorheen ATOF) is dat juist, maar in de situatie dat dit gebeurt op basis van de registratie is dit fout. Hierbij speelt artikel 10 van de Regeling gebruik van frequentieruimte zonder vergunning met meldingsplicht 2015 een rol:

Art. 10, lid 1, onder b zegt: “Het uitzenden van omroepprogramma´s, muziek, reclame of berichten van of voor derden is niet toegestaan.”

Ook berichten van andere zendamateurs of andere geautomatiseerde systemen zijn berichten van derden. Hiermee is het ter beschikking stellen van een (digi)repeater aan andere zendamateurs een gebruik dat niet wordt gedekt door de registratie van de eigenaar/gebruiker, maar dient te worden gedekt door een vergunning voor het zenden met een relaisstation van Agentschap Telecom. Lees meer over het aanvragen van een vergunning in de Gedragslijn vergunningen radiozendamateurs.

Het gebruik van repeaters zonder vergunning kan leiden tot een sanctie.

Feitelijk zegt AT hiermee dat APRS niet mag op de manier waarop dit gedaan werd door stations in de auto. APRS relayeert standaard, dat staat gewoon default aan. Omdat bij de aanvraag van een vergunning (voorheen ATOF) een locatie moet worden opgegeven is het kennelijk niet mogelijk om APRS mobiel te gebruiken.

Het APRS netwerk is wel in stand te houden door stations die thuis ontvangen het niet te ‘heruitzenden’ maar op internet beschikbaar te stellen, het zogenaamde igate. Juist in gebieden waar minder of geen APRS ontvangststations thuis zijn opgesteld valt er een ‘gat’ in het systeem.

Ziet AT een mogelijkheid om het APRS systeem te blijven gebruiken door mobiele station? Bijvoorbeeld door een herdefiniëring dan wel door ‘mobiele locaties’ toe te staan als digirepeater?

Het uiteindelijk verslag van het (in twee delen gehouden) Amateur Overleg is hier te lezen.

 

Overzicht VHF en hoger rubriek Electron april 2018

Bij Commissiezaken schrijft Chris PA3CRX zijn laatste bijdrage, omdat hij op de komende VR stopt als voorzitter van de commissie. Chris heeft eerst de functie van ATV manager bekleed en is daarna drie jaar voorzitter geweest en daarom ook lid van het HB. In die periode zijn allerlei zaken aan de orde geweest en heeft Chris er naar gestreefd VHF en hoger binnen de VERON meer gewicht te geven. Alleen vindt hij het jammer dat er geen invulling is gegeven aan de diverse vacatures binnen de commissie.

Bij de Weak Signal contesten liep niet alles naar behoren, maar gelukkig is door extra inspanning en hulp door Theo PA1TK en Rob PE1ITR de achterstand weggewerkt. Omdat de huidige contestmanager Gert PG5D door omstandigheden niet meer genoeg tijd voor het invullen van deze functie kon vrijmaken is Rob PE1ITR benaderd om dit in te vullen, aangezien Rob op de achtergrond al de contestrobot draaiend hield. Rob heeft positief gereageerd op dit verzoek.

Bij Contesten aandacht voor de MGM Contesten zoals aangekondigd door de RSGB voor de 6m en 2m banden. MGM staat voor Machine Generated Mode. Denk bij Machine toch meestal aan een computer. De puntentelling en het indienen van het log zijn zoveel mogelijk vereenvoudigd. Er hoeft alleen maar een rapport en een locator van 4 tekens te worden uitgewisseld. De punten per km worden berekend op basis van het midden van het locatorvak. De eerste contest is in het weekend van 21 april, de tweede in het weekend van 21 oktober. Voor meer informatie wordt naar onze website verwezen.

Bij Amateursatellieten worden een paar nieuwe satellieten besproken. De Amsat-Oscar 92 is nu volledig operationeel, meestal in UV mode met een uplink op 70cm en een downlink op 2m, alles in FM. Soms wordt omgeschakeld naar een andere mode maar het commando daarvoor gebeurt op de reguliere uplink dus dat wordt wel eens doorkruist doordat die frequentie niet vrij is.
De PicSat is een 3U CubeSat en is speciaal ontworpen om de passage van de exoplaneet Beta Pictorus b voor de ster Beta Pictorus in kaart te brengen. De satelliet beschikt daarvoor over een optische telescoop. Voor ons interessant: er is een FM-relais aan boord. Dit is onlangs getest en werkt. Maar voorlopig is alleen telemetrie te ontvangen.
De ESTCube-2 satelliet uit Estland, waarvan de lancering gepland is voor 2019, gaat in de 70cm band werken. Ook gaan foto’s uitgezonden worden. Als extra komt er een retroreflector waarmee licht kan worden teruggekaatst naar de oorsprong. Deze reflector is bedoeld voor nauwkeurige afstandmetingen.
Een Canadese universiteit gaat een satelliet bouwen waarmee foto’s van het gebied van de aarde gemaakt worden waar op dat moment over heen gevlogen wordt. Ook wordt er educatieve informatie meegestuurd. Als bijzonderheid is het mogelijk een “selfie” te maken.
Het staat nog steeds niet vast wanneer de aangekondigde geostationaire satelliet Es”hail-2  wordt gelanceerd en ook daarna is hij nog niet direct beschikbaar. Eerst moet hij uit een elliptische baan naar een cirkelvormige baan gebracht worden en dan nog naar de juiste positie gemanoeuvreerd worden. Als het eenmaal zover is, vinden we de uplink voor CW en SSB in de 13cm band  en de downlink in de 3cm band.

Bij ATV een uitgebreid verslag van de schade na de januaristormen bij Kees, PE1APH. De mast van 70mm diameter is boven het steunlager geknikt. De antennes hebben het wel overleefd, de dragerbuis van de 70cm yagi kon weer rechtgebogen worden, alleen de buis van de 2m/70cm rondstraler moest vervangen worden.

Frans PC2F laat zien hoe eenvoudig het is om op 70cm met AM-ATV uit te komen. Daarvoor heb je alleen een 70cm “bamiporto” nodig, verder een Mitsubishi PA module met print, een videofilter en een videosignaal. Op die manier krijgt Frans 12W AM-ATV op 70cm. Het video wordt geleverd door een lcd-beeldscherm met video-out, waarmee testbeelden of contest nummers geproduceerd kunnen worden. Ontvangen doet Frans met een laptop met RTL-dongle.

Verderop in de rubriek nog een bijdrage van Kees PE1APH. Kees had behoefte aan wat meer vermogen op 23cm tijdens de ATV Contesten. Kees had uit een oud 70cm project nog enkele 2C39’s liggen, evenals een zware voedingstrafo uit een sloop LF versterker en een ventilator (uit een magnetron) voor de koeling. Ook waren er voldoende elko’s op voorraad. Kees werd getipt door Jack, PA0BOJ over een aanbod van een cavity voor twee stuks 2C39. Doordat ze o.a. lang gelegen hadden bleken niet alle elko’s nog bruikbaar te zijn, maar Kees hield er in ieder geval nog zes over. De eerste resultaten stelden wat teleur, maar door de cavity iets op te hogen zakte de frequentie naar het ATV gebied.

Onder “Tropo” een bijdrage van Chris, PA3CRX over fresnelzones bij straalverbindingen. Straalverbindingen kunnen vergeleken worden met licht en daar ontstaan deze ringvormige fresnelzones waarin de lichtgolven elkaar (gedeeltelijk) uitdoven bij weglengteverschillen van ½ λ. Deze zones zijn al eerder in Electron ter sprake gekomen. Allereerst wordt gekeken naar vorm en grootte van de fresnelzone, waarbij in een tabel de afmetingen van de eerste fresnelzone voor verschillende afstanden en frequenties worden gegeven. Er zijn meer zones die zich als een serie ringen met steeds ½ λ fase verschil voor doen. Chris gaat verder in op het verschil in effect bij smalbandige en breedbandige signalen en geeft aan de hand van ervaringen uit de praktijk aan dat het niet altijd zo is, dat een hoger geplaatste antenne altijd het beste is. Voor wie van theoretische onderbouwing en formules houdt een rapport en een lezing hierover.

Bij zelfbouw tenslotte geeft Kees, PE1APH een tip om je yagi antenne minder aantrekkelijk te maken als rustpunt voor vogels. Dat doet hij door enkele cm boven de dragerbuis van de antenne een draad te spannen. Kees heeft gemerkt dat niet alle soorten draad geschikt zijn, zo roest blank ijzerdraad vrij snel weg. Touw is niet altijd UV bestendig. Ook de kwaliteit van de tiewraps, waar Kees vroeger een dun touw over kon spannen, is niet meer wat het geweest is.

 

PA4VHF kandidaat voor de functie van voorzitter VHF-en-hoger commissie

We zijn verheugd te kunnen melden dat Dick PA4VHF zich kandidaat heeft gesteld voor de functie van voorzitter van de VHF-en-hoger commissie. Dick zal voor de functie worden voorgedragen bij de Verenigingsraad, die in april zal worden gehouden.

De call van Dick sluit al mooi aan op de functie maar dat is uiteraard bijzaak.

Dick is sinds 1989 behoorlijk actief op 6, 4 en 2m. Tegenwoordig ook weer QRV met EME.

En natuurlijk ook met contesten op VHF-en-hoger! Bij de VHF-en-hoger dag in Eindhoven (2016) was de stoel naast hem bijna te klein om al zijn behaalde bekers op te zetten!

Dick PA4VHF met de behaalde contest bekers, uitgereikt in 2016

Overzicht VHF en hoger rubriek Electron maart 2018

Bij Commissiezaken wordt teruggeblikt op de januaristorm. Deze heeft bij veel zendamateurs schade aangericht. Dat kunnen losse of verbogen onderdelen zijn, maar ook geknikte masten met bijkomstige schade aan rotors, kabels en misschien ook huizen (van jezelf of van de buren).
Misschien is dit dan aanleiding om meteen eens zaken te vervangen. Collega-zendamateurs helpen graag daarbij.

Bij Contesten aandacht voor de nieuwe manier waarop de logs van IARU Contesten worden ingeleverd. Dit gebeurt door uploaden naar de IARU server. Verder een paar aanpassingen die zijn voortgevloeid naar aanleiding van de enquête onder contesters. Alle resultaten uit die enquête zijn op de website te vinden.

De afdelingscompetitie zoals we die kennen van HF wordt nu uitgebreid met op VHF en hoger verzamelde punten. Na aanmaken van een account kun je eenvoudig je contest en je verbindingen invullen. Je hoeft geen logs in te sturen.

Bij Amateursatellieten een pleidooi voor het werken met de LEO satellieten. Van dit soort Low Earth Orbit satellieten zijn er verschillende actief, een aantal met SSB/CW transponders en ook enkele met FM transponders. Uplink en downlink zijn vaak in de 2m en 70cm band te vinden. Met eenvoudige antennes zijn ze al te werken, het is allemaal direct zicht werk. Zelfs een rotor is niet altijd nodig, met bijvoorbeeld verticaal gerichte antennes kun je al goed uit de voeten. Je hebt wel twee sets nodig. Als je een basisset hebt die VHF en/of UHF kan maken kun je die gebruiken voor de uplink. Voor de downlink is alleen een ontvanger nodig en dat kan bijv. een SDR ontvanger zijn.

Bij ATV een uitgebreid verslag van de aanpassingen aan het antennepark van Lex PE1CVJ. Deze waren op zijn dakkapel opgesteld op een paar stevige statieven maar de tuidraden waren langzamerhand gaan doorzakken. Na de januaristormen was het raak: de mast met rotor was afgebroken. Renny PE1ASH heeft zich toen over de beschadigde 47GHz schotel ontfermd en samen is er een plan van aanpak opgesteld. Er is een frame gemaakt waar twee masten op konden worden geplaatst. Ook moest een stevige trap aan de constructie gemonteerd worden om niet langer steeds het keukentrapje te moeten gebruiken. Nadat alles in de werkplaats was opgebouwd en getest op stabiliteit werd het hele pakket weer gedemonteerd wat een soort bouwpakket in IKEA stijl opleverde. Het plaatsen van de constructie en het monteren van de rotors, schotels en kabels ging vlot en na wat testen van de diverse zenders en ontvangers beschikt Lex nu over een stormvaste constructie waar hij hopelijk nog lang plezier van zal hebben.

Een leuk hulpmiddel voor ATV-ers is de website DXspot.TV van de BATC. Hier kun je o.a. een landkaart met gelogde verbindingen zien, over een bepaalde periode, per band. Ook ATV repeaters zijn aangegeven en door er op te klikken krijg je aanvullende informatie. De commissie heeft zich ingespannen om de Nederlandse ATV repeaters er weer actueel op te krijgen.

Onder het kopje “Tropo” besteedt Chris PA3CRX uitgebreid aandacht aan verbindingen in de troposfeer en dan met name over straalverbindingen. Hierbij gaat het om verbindingen tussen twee punten. Eigenschappen en veranderingen in de troposfeer komen ter sprake. Chris gaat uitgebreid in op deze eigenschappen. Achtereenvolgens komen breking en buiging, effectieve aardstraal, meerwegfading, fading bij reflectie tegen wateroppervlakken, scintillatie en demping aan de orde.

Met een HDMI naar analoog converter kunnen ATV-ers een HDMI signaal uit hun laptop omzetten naar composite video. Zo kun je dus eenvoudig een filmpje of foto’s uitzenden.

Bij Zelfbouw beschrijft Alex, PA2CV hoe hij een transverteraansluiting voor zijn Icom IC-7300 heeft gerealiseerd. In de IC-7300 zitten tussen het driver- en amplifierboard twee coaxkabeltjes met connectoren voor RX en TX. De driver levert -4dBm, genoeg voor aansturing van de transverters.
Alex heeft de vier connectoren gescheiden naar buiten uitgevoerd op SMA connectors. Een eigenbouw Arduino switchbox neemt het omschakelen voor zijn rekening en dient ook als sequencer en verzorgt cross-band aansturing. Alex kwam recentelijk nog een mooie oplossing tegen die door DB6NT wordt geleverd, hetzelfde idee,maar in een andere uitvoering. DB6NT heeft een printje ontwikkeld wat past op de plek van de tunerconnector.

De door DB6NT geboden oplossing

Tenslotte een tip van Chris PA3CRX waar je antenneonderdelen kunt bemachtigen.

 

Overzicht VHF en hoger rubriek Electron februari 2018

Bij Commissiezaken wordt ingegaan op de manier waarop in de IARU C5 vergadering een beeld wordt gevormd van de situatie in de afzonderlijke landen. Daartoe is ter inventarisatie een vragenlijst met zo’n 200 vragen opgesteld. Bij de sluitingsdatum bleken nog niet alle verenigingen deze lijst te hebben afgewerkt, daar is dus nog enige aandrang vereist om de inventarisatie compleet te krijgen.
De IARU contestgroep heeft een eigen inventarisatie gedaan waar contesters hun voorkeuren konden aangeven. Daar zullen nog wel aanpassingen van de reglementen uit voortvloeien.

Onder het kopje “De 70cm-band en ATV” gaat Chris PA3CRX in op de aandachtspunten die AT op hun website hebben benadrukt. Zo wordt ATV in de 70cm-band ontmoedigd vanwege te verwachten problemen met 433 MHz ISM toepassingen. Op de VR is het voorstel aangenomen om een deel van de 23cm band beschikbaar te stelen voor ATV door N-amateurs.
Het gebuik van SATV (smalband-ATV) in de 70cm-band biedt wel perspectief. Zelfs is in het IARU bandplan al rekening gehouden met ATV op een hogere frequentie in de 70cm-band, van 435-438 MHz. Ontvangen op frequentie buiten de ISM band biedt ook duidelijke voordelen. Met een videofilter en het uitschakelen van de geluidsdraaggolf ben je er al. Onder meer is Rob PE1ITR met SATV aan het experimenteren.

Ook van de hand van Chris PA3CRX is een uitgebreid artikel over het “nieuwe” locatorsysteem, ook wel met Maidenhead-systeem aangeduid. Maar een eerste locatorsysteem is al in 1959 geintroduceerd, in 1963 verfijnd tot een systeem met twee letters, twee cijfers en een extra letter. Dat systeem, het QTH-locator systeem is jarenlang gebruikt maar zo langzamerhand ontstond de behoefte aan een wereldwijd dekkend systeem. In 1980 is het huidige systeem in Maidenhead (Engeland) aangenomen en heet dan ook het Maidenhead-systeem. Vakken worden meestal met 6 tekens aangeduid, hoewel veel Amerikanen slechts de eerste vier tekens uitwisselen. In de loop van de tijd zijn de vakken tot 8 of zelfs 10 tekens uitgebreid om een grotere nauwkeurigheid mogelijke te maken.

Bij amateursatellieten dit maal aandacht voor “ruimtepuin” en de bijbehorende aandacht voor het opruimen daarvan. Als illustratie worden een botsing tussen een Kosmos en een Iridium satelliet genoemd en het exploderen van een meteorologische satelliet. Al die brokstukken blijven in hun baantjes rondzweven en kunnen botsingen met andere satellieten veroorzaken. Ook het ISS kan daardoor gevaar lopen. De Universiteit van Surrey gaat experimenten uitvoeren, o.a. met de CubeSail satelliet, die voorzien is van een soort harpoen en een vangnet. Als eenmaal een hoeveelheid afval is verzameld wordt een groot zeil uitgevouwen waardoor de satelliet afremt en in de dampkring verbrandt.

Bij Weak Signals aandacht voor goedkope transverters waarmee de 10m band wordt omgezet naar een van de VHF of UHF banden. Afhankelijk van de ban kan de output 10 tot 15W bedragen, voor 70cm wat minder. In veel gevallen levert de HF transceiver te veel vermogen en dan kan er een bijpassende verzwakker geleverd worden, inclusief zend/ontvangstrelais. Als je niet over een geschikte HF set beschikt kun je de uBITX transceiver overwegen, een eenvoudige HF SSB/CW transceiver voor de banden van 3 tot 30 MHz. Ook hier is de output van 10 W al te hoog, je zou dan de eindtrap weg kunnen laten of toch een verzwakkerprint mee bestellen.

Bij ATV lezen we over de decembercontest waar sneeuw een belangrijke rol speelde. In dit verslag de bevindingen van een aantal stations zoals PA3CRX die zaterdag nog portabel was gegaan, en zondag vanuit huis met een hoge SWR door de sneeuw.
Bij PE1POA werd PI4GN wel gezien, maar verder wilde het niet lukken. Bij PE1OLR bleven de antennes ondanks de sneeuw werken maar verbindingen bleven achterwege. PE1MPZ had als hoogtepunt PE1ASH met B5 op 3 cm en als dieptepunt PE1EZU met B2 op 23cm. Bij PA3DLJ sneuvelden twee BFR96’s in de 23cm zender. PA1RHQ stond er dit keer alleen voor door het afhaken van PA9DX wegens gezondheidsredenen. Hij heeft eerst de lokale stations gewerkt en op 23 cm en 70cm met PI4GN éénweg verbindingen gemaakt, wat een mooie afstand opleverde.
PE1APH heeft op 13cm alleen meegedaan als kijkstation en ondanks het vervangen van de oude hark door een rasterantenne leverde dat alleen maar zijn eerste gewerkte 13cm station op. Ook PA3CGG meldde bizarre weersomstandigheden. Op 9cm een dikke sneeuwlaag op de schotel, op 23cm alleen kort PI4GN gezien en op 2m was PI4GN een station te ver. PE1CVJ maakte het gezellig met glühwein en profiteerde van de aanwezige stations in de Randstad. PA1PAS heeft gemerkt dat je in Zuid-Limburg wel condities moet hebben om iets te kunnen werken. PE1BR `heeft gezorgd’ dat het naburige station PE1IWT toch met hem een verbinding kon maken met een schroevendraaier als antenne!
PE1EZU heeft het deze contest helemaal alleen moeten doen en weet nu wat dat betekent. PA7HV vond het de slechtste contest ooit: zondag alleen maar sneeuw, binnen en buiten.
Chris, PA3CRX heeft nog een uitgebreider verslag van zijn bevindingen met zijn 24GHz station gedaan.
Tenslotte de groep PI4GN, een verhaal apart. Deze groep (PA0T, PE1BBI en PE1ITR) ha besloten om na jaren smalbandcontesten eens een ATV contest mee te draaien. Daarvoor werd de decembercontest gekozen, een besluit wat middenin de zomer werd genomen. Koude, sneeuwval, wind en nattigheid straften dit optimisme af. De antennes, een parabool, een 2m antenne en twee gestackte 70cm antennes waren over twee Versatowers verdeeld. Helaas bleek de praktijk van ATV Contesten vooral te bestaan uit veel ruis en weinig plaatjes. Ook de communicatie op 2m lukte slecht door de grote afstand, verder was er toch veel storing op 70cm ondanks de landelijke omgeving. Zaterdag ging het nog wel, maar zondag was het niks gedaan en zijn ze om 11 uur maar gestopt. Het meedoen aan een ATV contest is wel voor herhaling vatbaar, maar niet meer in december!
In de uitslag van de contest zien we dat 20 stations het log hebben ingestuurd waarvan een station portabel.  De totaalwinnaar is Richard, PA3CGG.Bij Nieuwe apparatuur zien we een beschrijving van de Icom ID-4100A dualband transceiver, bij ons als ID-4100E leverbaar, een D-STAR VHF/UHF apparaat. Icom spreekt bij deze transceiver van een instapmodel, maar hoewel het display wat kleiner is en het geen aanraakscherm is, hebben we hier toch te maken met een zeer geavanceerd apparaat. Het apparaat is getest door Rick K1CE en hij beschrijft uitgebreid hoe hij de zet heeft ingebouwd in zijn pick-uptruck en wat zijn ervaringen in het gebruik zijn geweest. Ook het werken in de DV mode met D-STAR wordt steeds eenvoudiger doordat een ingebouwde lijst van repeater locaties beschikbaar is.
Tenslotte een beschrijving van de Yaesu portofoon FT-25R, bij ons verkrijgbaar als de FT-25E. Dit is het VHF broertje van de dualband portofoon FT-65E, die twee maanden eerder in de rubriek besproken is. Hij ziet er net zo uit, en heeft ook hetzelfde uitgangsvermogen (0,5, 2,5 of 5W).
De portofoon ligt solide in de hand en is IP54 gecertificeerd stof- en spatwaterbestendig. De achttien toetsen op het front hebben allemaal (behalve de Up en Down toets) drie functies, kort indrukken, lang indrukken en in combinatie met de F(unctie) toets. Er zijn 200 geheugenkanalen beschikbaar.

 

De Firsts database is weer bijgewerkt

Er zijn weer een aantal QSL kaarten van firsts op de website geplaatst. Felicitaties aan degenen die deze verbindingen maakten!

Wat zijn firsts?

Firsts zijn verbindingen die voor het eerst gemaakt zijn tussen twee landen. In de Firsts database ziet u wie en wanneer vanuit Nederland voor het eerst een verbinding met het buitenland heeft gemaakt.
Bent u de trotse eigenaar van een of meerdere qsl-kaarten van een First verbinding dan kunt u het archief aanvullen. Scan uw QSL kaart van de First verbinding in jpg formaat met een zo hoog mogelijke resolutie. Bijvoorbeeld in 300 dpi en stuur de aldus gescande QSL kaart naar PE1KEH(@)veron.nl zodat ook uw bijzondere verbinding in de Firsts-database kan wordt opgenomen.

Oude zwart/wit QSL kaarten?

De Firsts-database van de VHF-Commissie bevat helaas nog steeds vele oude zwart-wit kopieën van QSL-kaarten zoals die vroeger door de commissie zijn gemaakt.
Het zou geweldig zijn als deze oude QSL-kaarten nu opnieuw in kleur gescand worden om het archief te vernieuwen en eventueel uit te breiden. Op deze manier hoopt de VHF-Cie de database met First verbindingen zo actueel mogelijk te houden. Het is mogelijk dat u een verbinding gemaakt hebt op een tijdstip dat voor de getoonde claim in de database ligt. In dat geval vragen we u een claim in te dienen en deze claim middels een QSL kaart of op andere wijze te bevestigen.

Zie hier om direct naar de firstlijst te gaan.

Jaarverslag VHF-en-hoger commissie 2017 gepubliceerd

Ondanks dat diverse functies nog niet zijn vervuld heeft deze commissie weer veel werk verzet. Niet alleen zichtbare zaken zoals veel publicaties in Electron en deze website. Zie hier het jaarverslag en bekijk dan direct de vacatures. Ben je lid van de VERON en ben je bereid de handen uit de mouwen te steken is er vast iets voor je bij.

Wil je niet achter schreeuwers in de media aanlopen en het hoofdbestuur versterken om zodoende gestalte te geven aan hetgeen de leden willen, is er ook een vacature per komende Verenigingsraad beschikbaar.

Overzicht VHF en hoger rubriek Electron januari 2018

Bij Commissiezaken wordt er wat teruggeblikt op het afgelopen jaar en wordt vooruit geblikt op het komende jaar. Wederom wordt benadrukt dat de VERON er vóór de leden is maar ook dóór de leden kan bestaan. En een oproep om de vacatures bij de commissie in te vullen.

Bij Contesten wordt vermeld dat er naar de mogelijkheid gekeken wordt om de afdelingscompetitie uit te breiden met VHF-en hoger contestpunten. Ook wordt aandacht besteed aan de diverse activiteitsavonden die op de diverse banden in nagenoeg heel Europa plaats vinden. Tijdens deze activiteitsavonden kun je desgewenst ook deelnemen aan de Dutch Activity Contest. In het komende jaar worden de regels vereenvoudigd en digitale modes kunnen nu ook gebruikt worden.

Bij amateursatellieten aandacht voor de gelanceerde Fox-1B/RadFXSat CubeSat die is meegelift met de NOAA-20 weersatelliet. De satelliet is inmiddels operationeel en heeft Oscar nummer AO-91 gekregen. De satelliet heeft een FM relais aan boord waar bij de uplink een subtoon van 67 Hz nodig is. In de downlink wordt telemetrie meegezonden als subaudio van ongeveer 200 Hz.
Ook aandacht voor de helaas mislukte lancering van de eerste Duitse D-STAR satelliet. Het betrof hier een 3 eenheden grote CubeSat die is uitgerust met vier D-STAR modules. Twee daarvan zijn voor telemetrie en besturing doeleinden. De andere twee waren bedoeld voor amateurtoepassingen. Beide werken op dezelfde frequentie maar slechts één is ingeschakeld. Mocht die uitvallen dan wordt overgeschakeld op de andere. Na de mislukte lancering is men voortvarend begonnen aan een nieuwe CubeSat op basis van de reserve satelliet die voorhanden was.

Bij Weak Signals de melding van een nieuw 23 cm troporecord tussen M0VRL (IO70PO) en EA8AVI (IL28FC) in SSB over 2662 km. Dat was op 14 juli.
Jan PA0PLY maakte op 4 en 5 nov. twintig EME verbindingen op 23 cm en vier op 70 cm. Zijn parabool, eentje van 3 m diameter, is opvallend beschilderd, zoals op de foto duidelijk te zien is.

In deze rubriek gaat Chris, PA3CRX uitvoerig in op Meteorscatter (MS). Om te beginnen worden de diverse meteorietenzwermen of -regens genoemd, die op voorspelbare tijden optreden. Bekende regens zijn de Geminiden in december en de Perseïden in augustus.  Maar ook buiten deze “regenperiodes” zijn er altijd wel meteorieten die op willekeurige tijdstippen onze dampkring binnendringen en daar een ionisatiespoor veroorzaken. Onze radiosignalen reflecteren tegen deze ionisatiesporen. Zo’n reflectie is van korte duur, om een verbinding tot stand te brengen zijn er opeenvolgende reflecties nodig. De typen reflecties kunnen worden ingedeeld in pings en bursts. Vooral de 6m en 4m banden lenen zich voor deze communicatie.
De communicatie was in de beginperiode met CW signalen, die versneld werd verzonden en bij ontvangst weer vertraagd afgespeeld moest worden. Maar nu hebben we Internet en digitale modes zoals die werden geïntroduceerd met de WSJT programma’s van Joe Taylor K1JT. Op basis daarvan zijn weer nieuwere modes ontwikkeld zoals MSK144 en FSK441. De software is te downloaden.
Om te kijken of je apparatuur werkt is het prettig over een baken te kunnen beschikken en de Graves radar in Frankrijk leent zich daar goed voor. Deze zendt uit vlak onder de 2m band.
Om te onderzoeken welke mode geschikter is voor MS heeft Rob, PE1ITR de twee modes MSK144 en FSK441 met elkaar vergeleken.

Het leven van een parabool, in deze geschiedenis in drie delen wordt de levensloop van een grote 6m parabool beschreven. In het eerste deel vertelt Jan PA0JVK hoe bij een bezoek aan de radiotelescoop in Dwingeloo de herinneringen aan zijn zelfbouw parabool weer boven kwamen. Jan wilde ook aan moonbounce gaan doen en dus moest er een mast en een parabool van ongeveer 6m komen. Een bouwvergunning was snel geregeld, een mast moest zelf gemaakt worden. Een flink gat in de grond voor de voet van de mast en daarna de betonnen fundering. De mast werd draaibaar opgesteld op een zwaar kogellager met tandheugel. Voor de parabool werden uit een plaat aluminium met de decoupeerzaag 36 ribben gezaagd. Deze werden op een buis van 50 cm diameter gemonteerd. Verder waren bekabeling en relaiskasten nodig en niet te vergeten een ruisarme ontvanger.
Al met al is Jan aan een krachtige zender voor 23 cm niet meer toegekomen. Toen er verhuisd moest worden werd de schotel in Electron aangeboden. Een groep zendamateurs uit Alkmaar nam de parabool over.
In het tweede deel vertelt Hans PH0V hoe de contestgroep PI4ALK een aantal malen per jaar mee deed op de VHF/UHF/SHF banden. Op een bepaald moment werd EME een nieuwe uitdaging en in die tijd was een grote antenne installatie nodig om succes te kunnen hebben. Met een aantal amateurs van de contestgroep werd met een VW busje een deel van de parabool afgehaald bij PA0JVK, maar een aantal grote delen pasten niet in het busje. Die werden later opgehaald met een grote vrachtwagen. Uiteindelijk is de parabool opgebouwd op het terrein van een kwekerij in de buurt van Schiphol, waar hij een aantal malen in gebruik is geweest.
Op een bepaald moment werd de kwekerij verkocht en moest de parabool weer weg. Alles werd afgebroken, de spullen verhuisden naar een amateur in Limburg die hem uiteindelijk toch niet heeft opgebouwd.
In het derde deel vertelt Hans PA0EHG dat de parabool vanuit Limburg eerst naar de omgeving van Frankfurt is gegaan en later heeft Hans hem daar opgehaald om hem te gaan gebruiken. Toen hoorde hij dat de schotel erg slap was en onder zijn eigen gewicht vervormde. Hans is toen begonnen met verstevigingen aan te brengen maar een geplande verhuizing naar DL maakte daar een eind aan. De schotel is toen naar DL2SH gegaan maar die heeft hem ook niet opgebouwd. Dus of er nog een vierde deel komt is de vraag!

Bij ATV lezen we over groot onderhoud aan de antennemast van Renny, PE1ASH. Die mast staat alweer vier jaar en er is nogal wat bij gekomen de laatste tijd. Bij de eerste stormen dit jaar bleek de linkschotel voor 13 cm te bewegen in de wind. Ook was er bij regen geen beeld meer dus moest Renny maar weer eens naar boven klimmen. Er was een las losgescheurd, Renny heeft de hele schotel gedemonteerd en naar beneden laten zakken.
Renny heeft indertijd een rotorwagen gebouwd om de diverse schotels op en neer te kunnen lieren. Maar langzamerhand werd die steeds zwaarder belast en Renny had de staalkabel waarmee de rotorwagen gelierd werd al door een dikker exemplaar vervangen. Maar toch had Renny angstdromen van brekende kabels en heeft nu maar echte hijskabels gemonteerd. Ook de lier is verbouwd en breder gemaakt zodat er minder lagen hijskabel op komen. Van het een komt het ander en ook de grote schotel was aan onderhoud toe, het gegalvaniseerde gaas was al bruin aan het worden, dat is nu wit geschilderd. Ook de belichter is gereviseerd. Zo’n dikke antenne installatie is fijn maar vraagt bij tijd en wijle onderhoud. Maar dat vindt Renny een luxe probleem.

Bij Zelfbouw een paar zaken die op de Dag voor de RadioAmateur te zien waren, zoals een azimut-elevatie rotor bij de werkgroep Kunstmanen die met behulp ban een 3D printer is gemaakt. Ideaal voor bijv. een schoolproject om met minimale investering satellieten te kunnen volgen.
De afdeling Doetinchem presenteerde een aantal zelfbouwprojecten, zoals een ATV zend-ontvanger, zenden op 23 cm en ontvangen op 23, 13, 6 en 3 cm. Ook een SWR/vermogensmeter en een 70cm portofoon waren van de partij. PA0RWE toonde zijn zelfbouw ringbelichter voor paraboolantennes voor 23, 13, 9, 6 en 3 cm.

Bij Andere Tijdschriften uit QST de beschrijving van een goedkoop te bouwen Arduino UHF CW baken. De auteur legt uit hoe hij met een standaard HF module en een standaard Arduino een CW baken heeft gebouwd wat ook ondersteuning biedt voor Feld-Hell, RTTY en digitale packet modes. Zeer geschikt voor ballonexperimenten omdat het nauwelijks iets weegt. De zendermodule kan worden afgestemd tussen 240 en 930 MHz in stappen van 61 Hz. De zendermodule kan maximaal 20dBm leveren, maar voor deze toepassing wordt een instelling op -3dBm aangeraden om het stroomverbruik laag te houden. De software is beschikbaar op de QST in-depth pagina die bij dit project hoort.
Eveneens in QST de bespreking van de Tytera MD-380 analoge en DMR portofoon. Dit is een simpele portofoon, leverbaar voor 2m of 70 cm met een zendvermogen van 1W of 5W. De porto is uitgerust met een full colour display wat ook in zonlicht nog goed leesbaar is. Deze portofoon heeft geen VFO, hij moet geprogrammeerd worden. Hierbij is de meegeleverde kabel essentieel, de software kan van de TYT-website gedownload worden. Handiger is het om een codeplug te gebruiken waarin alle DMR repeaters voor bijv. een land of regio zijn vastgelegd.
Tenslotte de beschrijving van de Yaesu FT-65R dualband portofoon. Bij ons is deze als FT-65E leverbaar. De ontvanger loopt van 136 tot 174 MHz en van 400 tot 480 MHz in FM en data en an 65 tot 108 MHz in Wide FM. De zender gaat van 144 tot 148 MHz en van 430 tot 450 MHz in FM en data. De portofoon heeft een solide behuizing en is IP54-gecertificeerd, stof- en spatwaterbestendig.
Een oranje drukknop op de bovenkant schakelt een witte led aan de voorkant in. Op de voorkant zitten 18 druktoetsen. Vier daarvan zijn sneltoetsen die we zelf aan een bepaalde functie kunnen toekennen. Er zijn tweehonderd geheugenkanalen beschikbaar waarin instellingen als repeater offset, CTCSS toon e.d. worden vastgelegd. Aan de geheugenkanalen kunnen, zoals gebruikelijk,  namen worden toegekend.